Categoriearchief: Uncategorized

Vinho Verde

5-3-3qs-vinho-verde-map-2012-blogDe Vinho Verde is een wijnstreek in het noorden van Portugal, rond de steden Braga en Viana do Castelo en eindigend in Porto. Het zuiden van de streek is langs de Rio Douro; het noorden aan de rivier Minho. De Atlantische Oceaan zorgt er voor een gematigd klimaat met overvloedige regenval. De bodem bestaat uit graniet met, aan de oppervlakte, zand en humus.

De Vinho Verde is het grootste DOC-gebied van Portugal en door de export, de meest gekende wijn, na Porto. Uit de Vinho Verde komt evenveel rode wijn als witte (Alvarinho, Loureiro, Trajadura , Avesso en Pederna). De naam Vinho Verde verwijst níet naar de groene schijn, die de witte wijn heeft, maar naar het feit dat de groene oogst vroeg in de zomer plaatsvindt en dat de wijnen jong op de markt worden gebracht. De wijnen zijn licht mousserend, bij de goedkope soorten wordt koolzuur toegevoegd. De betere krijgen het koolzuur als gevolg van de malolactische gisting waar het wrange appelzuur wordt omgezet in melkzuur. De wijnen hebben een hoog zuurgehalte en zijn zeer fris in de mond.

De witte wijnen zijn meestal assemblages, die verschillen van regio tot regio, doch zijn steeds verfrissend, vinnig en laag in alcohol (wettelijk minimum is 8%). Naast de Alvarinho worden de beste Vinho Verdes gemaakt als cépage met name Loureiro en Trajadura. Uitzondering zijn de wijnen van de Alvarinho, die minstens 11,5% alc.vol moeten hebben.

 

Crozes – Hemitage

 

Als menigeen de Noordelijke Rhône bezoeken, richt men zijn belangstelling maar al te vaak op de grote namen. Côte Rôtie, Hermitage en Condrieu krijgen volop aandacht. Maar dat geldt niet voor de ‘mindere goden’ uit het noorden: Crozes-Hermitage, Saint-Joseph, Cornas en Saint-Péray. Terwijl ook daar zo veel moois en nieuws valt te ontdekken. De jonge generatie wijnboeren staat ook hier niet stil. En grote producenten worden soms overgenomen, waarbij een nieuwe aanpak een frisse wind tot gevolg heeft.

De AOC Crozes-Hermitage

Deze dateert uit 1937 en omvatte toen uitsluitend de wijngaarden van het dorp Crozes-Hermitage. In 1952 werd het gebied van de appellation uitgebreid met de 10 naburige gemeentes Erôme, Serves, Gervans, Larnage, Tain l’Hermitage, Mercurol, Chanos Curson, Beaumont Monteux, La Roche de Glun en Pont de l’Isère. Met bijna 1.497 ha over 16 km lengte, aan de linkeroever van de Rhône ter hoogte van de 45ste breedtegraad, is het de grootste AOC van de noordelijke Rhône, tien keer zo groot als grote broer Hermitage.

Klimaat

Het klimaat is gematigd, met binnen het gebied toch wat verschillen. In het gebied ten noorden van Tain-l’Hermitage (Erôme, Serves, Gervans, Larnage en Crozes-Hermitage) is het wat koeler en vochtiger. Dit als gevolg van de hoogte, de heuvels en het soort graniet, dat koeler is en het vocht beter vasthoudt. In het oosten en ten zuiden van Tain-l’Hermitage (Mercurol, Chanos-Curson, Beaumont-Monteux, La Roche-de-Glun en Pont-de-l’Isère) is het vaak droger, want de bodems hebben daar een betere afwatering en er staat meer wind (mistral) in het vlakkere gebied. Syrah houdt van een gematigd klimaat zonder extremen en voelt zich in Crozes-Hermitage dan ook goed thuis.

Rood en wit

Crozes-Hermitage produceert rode en witte wijnen. Voor de rode wijnen is uitsluitend syrah toegestaan, maar de wet staat toe dat er maximaal 15 % lokale witte druiven in worden verwerkt. Marsanne is de belangrijkste druif voor Crozes-Hermitage Blanc, terwijl roussanne ook is toegestaan. De rode wijnen worden gekenmerkt door rood fruit en specerijen, de witte door frisse, elegante tonen van bloemen. De jaarlijkse productie bedraagt circa 67.000 hl, waarvan 60.000 hl rood. Binnen de AOC zijn 42 zelfstandige producenten actief, 2 coöperaties (goed voor bijna 60 % van de productie) o.a. Cave du Tain en 25 handelshuizen. Van deze laatste categorie zijn er enkele tevens producent, zoals Chapoutier, Delas en Paul Jaboulet Aîné.

Bodems

Van de wijngaarden ligt 20 procent op hellingen. De drie voornaamste bodemsoorten zijn:

  • Terroir des Chassis – Het belangrijkste bodemtype, ten zuiden en oosten van TainL’Hermitage, bestaat uit dikke lagen rolkeien uit de ijstijden Riss en Würm, vermengd met rode klei. Het zijn vrij vlakke plateaus of terrassen, zoals Les Chassis en Les Sept Chemins.  Terroir de Larnage – In het noordoosten is het veel heuvelachtiger. Richting Larnage en Crozes-Hermitage bevinden zich kiezelhoudende terrassen uit de Mindel ijstijd, bedekt met löss of met wit zand vermengd met porselein-aarde. Geeft wijnen met veel zuren.
  • Terroirs d’Erôme et de Gervans – De noordelijke gemeentes (Erôme, Serves en Gervans) hebben granietbodems die eveneens met löss zijn bedekt. Lijkt op de bodem van St. Joseph. Van Gervans komen wijnen met een hoge zuurgraad.

Verder onderscheidt men het Terroir de Chanos en het Terroir de Mercurol (lijken op het Terroir de Chassis).

Door de diversiteit aan bodems ontstaan uiteraard flinke stijlverschillen bij de wijnen.

Door de diversiteit aan bodems ontstaan uiteraard flinke stijlverschillen bij de wijnen.

 

Oogstjaren

2009 – eerste indruk uit het vat: veel beter dan 2008; een beetje als 2003, maar niet overrijp en met goede zuren; de rode wijnen krijgen daarom meer extractie.

2008 – dit jaar werd gered door een mooie septembermaand, waarin men selectief kon plukken; vooral de jus de goutte werd gebruikt, geen vin de presse; de cuvaison werd meestal kort gehouden; hout kon de ellende wat verbergen, immers je kunt beter vanille in je wijn hebben dan harde tannines; kortom, ‘makkelijke wijnen’ met veel frisheid en kruidigheid; rood heeft over het algemeen lekker fruit, maar 2008 is geen bewaarjaar: nu drinken, behoudens een enkele uitzondering; tijdens de overzichtsproeverij van dit wijnjaar (zie verderop in dit artikel) hadden te veel wijnen groene tonen.

2007 – op een vroege start van het groeiseizoen volgde een vrij natte zomer, waardoor de watervoorraden weer op peil kwamen; de witte wijnen zijn evenwichtig met intense aroma’s en excellente kwaliteit; ze zijn nog jaren te bewaren; voor de rode wijnen moesten de boeren geduld hebben, de pluk begon rond 28 september en duurde 5 weken; de wijnen hebben finesse, met zachte tannines, veel materie en een donkere kleur. Een uitstekend jaar dus.